Ik kan weer inloggen!

Hallo trouwe volgers! Na enkele maanden is het voor deze web-loggebruiker weer mogelijk om in te loggen. Komende tijd hoop ik dus weer aan het bloggen te slaan en de boel vorm te geven. Maarja, de problemen bij web-log zijn nog niet opgelost, dus we wachten af wat er mogelijk is!

Baby Vierbergen

Mag ik jullie voorstellen: baby Vierbergen. Hij/zij is nu min 29 weken, spartelt vrolijk rond en heeft het zelfs bestaan om te zwaaien toen zijn vader en moeder naar hem keken. We zijn heel blij, verwonderd, dankbaar, gelukkig en meer van zulke woorden!

Baby Vierbergen

Aosta

Twee weken St. Nicolaas achter de rug, het dorpje dat ligt naast St. Pierre. En wij maar denken dat sinterklaas en zwarte piet uit Spanje komen! Neen, wij vertoefden in Italixeb, bij het Aostadal. Het waren wondere weken. Gezellig ook! Samen met Alieke, Julianne en Kjel bemanden Jan-Carel en ik een huisje ergens op een berg. Het was een wonderlijk huisje, met pannen zonder deksels, maar wel met buren die kwistig deelden uit hun groentetuin.
 
We kwamen aan op zaterdagavond, dus onze eerste belevenissen vonden plaats op zondag. We hadden een Waldenzenkerkje gevonden, en keken daar onze ogen uit. Er ging een dominee voor die een vrouwelijke uitgave was van de op Urk bekende ds. W. Ze droeg zwarte panty's in zwarte schoenen. Op de preekstoel lag haar hoed, en halverwege de dienst werd daarmee gecollecteerd (het bleek helemaal geen hoed te zijn, maar een soort zachte collecteschaal). En het mooiste was: men begroette elkaar met een heilige kus. Nog nooit heb ik het bevel van de apostel zo letterlijk uitgevoerd zien worden. Harde klapzoenen werden ten beste gegeven, en xe9xe9n mevrouwtje viel er zelfs bijna van achterover. Wat kun je toch een plezier hebben in het leven! En de gasten uit Olanda werden hartelijk welkom geheten. Ja, we zijn daar zeer vriendelijk bejegend.
 
Maar we hebben nog veel meer beleefd, zoals ons dagje Turijn. Daar aanschouwden we de lijkwade van Turijn (waar overigens niets aan te zien was). Maar het ergste volgde in de avond, toen we ons moe en mat op een terrasje hadden gezet en ons over de Italiaanse menukaart bogen. Ik koos een bekend woord: spaghetti. Er stonden nog wat woorden bij die me niets zeiden, maar spaghetti is altijd goed. Zo dacht ik toen nog. De anderen bestelden pizza, en nadat die binnen waren gedragen volgde mijn bord. Op een bedje van spaghetti lag daar een grote verzameling schelpen, gevuld met weekdieren. Maar mensen, ik heb me vermand, en heb het OPGEGETEN!
De laatste avond gingen we opnieuw uit eten, en toen hebben we voor de zekerheid het Italiaansch-Nederlandsch woordenboek van Jan-Carel maar meegenomen, dat weliswaar stamt uit de jaren dertig, maar toch heel behulpzaam was. Alleen ontbrak de letter Z, en wilde Alieke iets bestellen wat met een Z begon. Het bleek aubergine te zijn!
 
We hebben veel gewandeld en veel Ligretto gedaan, en op de laatste avond heb ik eindelijk van Alieke gewonnen. Toen kon ik naar huis.

Mr. Mushroom

Een paar weken geleden deed Julianne haar master-examen contrabas, en daarvoor waren JC en ik naar Amsterdam getogen. Het regende dat het goot, en onder een paraplu gingen wij onze weg. Bij het conservatorium aangekomen werden we bij de deur omsingeld door een internationaal en muzikaal aandoend gezelschap. Zij staarden mij stuk voor stuk aan op een manier die mij me deed afvragen of mijn haar soms groen was geworden ofzo, en een stem riep enthousiast: “You look like Mr. Mushroom!” Nou had ik nog nooit van mr. Mushroom gehoord, maar vandaag schoot het me weer te binnen en heb ik het op Google ingetypt. En dit is waar ik op leek die dag:

Mr Mushroomxc2xa0

Mr__Mushroom_by_Mith_cest_Moi

Arme draken

Nou had ik toch weer wat: blaasontsteking! En net op zaterdagavond, als net de winkels waar je cranberry's etc. kunt kopen dicht zijn. Het was allemaal heel, heel erg naar (om met heer Bommel te spreken), en op zondag gingen JC en ik naar de huisartsenpost hier bij het ziekenhuis. Daar moesten we in de wachtkamer een tijdje wachten, en dan kijk je je ogen uit. Allemaal mensen die kennelijk klachten hebben die niet tot maandag kunnen wachten. Je ziet niets aan ze, maar het zal wel. Aan mij was vast ook niets te zien, behalve dan uiteraard mijn zeer sombere blik ;-)
Er was ook een automaat waar je geld in kon doen, en dan kwam er koffie of thee of chocolademelk uit (al naar gelang het knopje dat je indrukt). Met grote koeienletters stond er ooit aan de buitenkant van het apparaat WARME DRANKEN. Echter, de tijd verstreek, en het schrift ook, en sommige letters lieten het leven (dat heb je in ziekenhuizen). Er stond nog slechts ARME DRAKEN. Jan-Carel en ik begonnen ons af te vragen hoe die draken in vredesnaam arm konden worden, maar de oplossing wisten we niet. Gelukkig lag er wat lectuur, en wij verdiepten ons in de Donald Duck en het blad Santxe9 (je verbaast je over wat er in zo'n wachtkamer ligt). In Santxe9 stond een verhaal over tatoeages en wat het kost om ze weg te halen. "Een draak kan je zomaar 3000 euro kosten", stond erbij. En toen snapten we het van die arme draken :-)
Even later kreeg ik een antibioticakuur mee naar huis, en ik ben weer helemaal het heertje (sprak de feminist).
 
Tot de volgende keer maar weer!

Dat hebben wij weer

Vandaag is het de vrijdag na Hemelvaart. De zon schijnt en JC en ik zijn allebei vrij. Wat een dag! We besloten de gelegenheid uit te buiten door lekker te gaan fietsen door Neerlands dreven. Dat begint altijd moeilijk: waar zullen we eens heen? Vele ideexebn werden geopperd, totdat we ons opeens herinnerden dat we ooit, toen JC nog 37 en ik nog 22 was, een fietstocht hadden gemaakt die ons langs Remmerden voerde. Daar heb je een prachtig uitzicht vanaf de Utrechtse Heuvelrug over de Gelderse vallei tot aan de Veluwe (hopelijk zeg ik dit goed, maar anders corrigeert JC me wel tegen de tijd dat hij deze log leest). Het was daar mooi, en het plan werd unaniem aangenomen.
 
Dus wij op de fiets. Genieten was het! Zulk heerlijk weer, en niks aan je hoofd. Gewoon eenvoudig lekker samen eropuit. Door het Binnenveld reden we naar Veenendaal. En toen naar Remmerden. Ik herinnerde me nog de rust. De stilte van de natuur. Je kon daar je fiets neerzetten en dan rondom lopen en genieten van het fraaie uitzicht. De laatste bosbes had JC destijds nog voor me opgezocht, en we aten chocola en appels op een bankje. Bijna romantisch was het, ware het niet dat het in ons platonische tijdperk was. We naderden een groot veld, afgeladen met campers en caravans. Dat had ons moeten waarschuwen, maar ik dacht alleen maar: tsja, er zijn natuurlijk wel meer mensen die hier van de natuur willen genieten. Maar al snel weerklonk er een donderend geraas, dat steeds donderender en razender werd. Het waren gillende motoren, waarbij een omroepstem klonk die er nog bovenuit probeerde te komen. We gingen een bocht om, en daar ontvouwde zich het hele tafereel voor ons: scheurende motoren in een zandafgraving, vele toeschouwers (allemaal met een Y-chromosoom), vlaggende mannen, opstuivende stofwolken. Ons rustig oord was verworden tot een raceparcours! (alras gingen onze gedachten terug naar het vermeende rustige Otterlo waar we iets soortgelijks meemaakten, nu een jaar geleden). Voor het idee gingen we nog even op een bankje zitten en van het uitzicht genieten, maar veel te genieten viel er niet. Alleen al die uitlaatgassen!
 
We bedachten een vluchtplan en gingen naar Rhenen. Daar was de zo begeerde rust in ruime mate aanwezig. Alleen het carillon van de Cunerakerk wierp zijn klanken uit over de stad. We fietsten naar de Rijn en gingen daar heerlijk zitten langs het water. De golfjes kabbelden genoeglijk. We dronken wat, we praatten wat, we zonden wat, voeten in de Rijn: we genoten! Het water was prachtig, met van die zonnespikkels erop. Ieder slecht mens zou hier goed van worden (ik weet niet wat Paulus of Calvijn of een andere grootheid hiervan zou vinden). Er kwam een snelvarend jacht voorbij. Het bracht wat golven teweeg, maar niet opzienbarend. Maar toen ze ons naderden, en de ondiepten van de oevers van de Rijn, toen kreeg ik opeens met eigen ogen het tsunami-effect te zien! JC kon me nog net meetrekken, anders was ik helemaal nat geweest! Ik had de schrik danig te pakken en hield meters afstand van de stenen die eens droog waren geweest. Het IJsselmeer weet zich beter te gedragen!
 
We vervolgden onze weg op het fietspad onder de Grebbeberg langs. Een schelpenpad. Ons naderden twee heren (pak, stropdas), en ik ving een flardje van hun gesprek op: '… lauwheid…' Ze kwamen een beetje Emmaxfcsgangerachtig over, maar we hebben ons niet bij hen gevoegd.
 
Geheel in de stijl van ons dagje uit kwamen we een stalletje tegen met Hollandse kersen en aardbeien (de verkoper was overigens wat minder Hollands dan zijn kersen). We hebben twee doosjes aardbeien gekocht, waarvan een deel vanmiddag al op een beschuit is verschalkt, en een ander deel straks in de yoghurt zal verdwijnen, en daarmee in onze maag.
 
Via het Binnenveld (waar we nu de wind flink tegen hadden) keerden we huiswaarts. We hebben genoten!.

Man man, wat een verhaal

Deze week had Alieke vakantie, en ik had dinsdag en woensdag vrij. De zon scheen, de wind was gaan liggen en de temperatuur was gestegen. Dit deed ons woensdag besluiten om een fietstocht te gaan maken. Al het goede komt van ver, dus we zouden eerst met de auto gaan rijden en dan ergens een fiets huren en een tocht gaan ondernemen. We zetten Google aan en typten in: 'fietstocht'. Zo kwamen we op een tocht bij Twello. Volgens vader en moeder was het daar erg mooi, dus zochten we ook een fietsenverhuurder, en blijmoedig gingen we die dag op pad. Tomtom wees ons de weg, en al gauw werd het landschap lelijker en lelijker. We naderden Twello al verdacht dicht, en toen waren we er opeens. We keken nog eens om ons heen, we keken elkaar nog eens aan, we keken nog eens op een plattegrond, en toen spraken we tot elkander: "Wij willen hier niet!" Een nevenplan moest worden bedacht, en ik wist me te herinneren dat iemand me had verteld dat het bij Deventer zo mooi was. En bij het station zouden ze vast wel fietsen verhuren. We gingen al bijna op pad, toen er opeens een vervolggedachte in me opkwam: je kunt daar vast niet gratis parkeren! En dat is wat wij wel willen! Toen bedacht ik dat wij pas met de fam. Vierbergen hadden gegeten bij een restaurant tussen Garderen en Putten, en dat het daar zo ontzettend mooi was. Het besluit was genomen: we gingen dat gebied opzoeken!

Vele kilometers, minuten en benzineliters waren inmddels verspild toen we in Garderen aankwamen, alwaar we verdwaasd rondreden op zoek naar een fietsverhuurbedrijf. Niets wat daar op leek, en ik vroeg het aan een be-overallde man. Die wist te vertellen dat we konden kiezen: Putten of Uddel. Maar niet Garderen. Bij Uddel wist hij ook nog te noemen waar die zaak zou moeten zitten: in het centrum, aan de Harderwijkerweg. Dus wij naar Uddel. We kwamen op een straat die de Harderwijkerweg heette. Er was een supermarkt. Maar een fietsenzaak konden we niet vinden! Helemaal geen winkels trouwens, en die man had het toch over het cxe9ntrum? We reden de Harderwijkerweg in de lengte en in de breedte, maar noch centrumachtig noch fietsverhuurachtig deed het aan. Weer het raampje naar beneden gedraaid en de weg aan iemand gevraagd. We stonden haast met onze neus bovenop de fietsenzaak, alleen bleek die precies tegenover de supermakrt te liggen, en op een afstandje van de weg. Dat had ons verblind! Het was inmiddels kwart voor xe9xe9n geworden, en het werd hoog tijd om onze fietstocht te beginnen. Maar… er hing een bordje aan de deur: "Wij pauzeren van 12.30-13.15 uur. NIET STOREN!" Ja, toen durfden wij natuurlijk niet meer. Maar we besloten dan maar het goede voorbeeld te volgen en ook te gaan eten. Ondertussen konden we dan mooi het gedrag van de Uddelaars bestuderen. Ja mensen, want daar is heel wat aan te zien! We werden namelijk bij het parkeren al argwanend gadegeslagen door de inboorlingen, vanuit tuinen en serres. We zetten ons neer op een bankje en hebben ons kostelijk vermaakt. Allereerst hebben we ons grotelijks verbaasd over het refogehalte. Als er een dame in broek voorbijkwam, dacht je echt: "Wat gek, dus dat kan hier ook. Zou dat wel mogen?" Want alles en iedereen was reformatorisch. Nou mogen we er zelf ook zijn, maar dit werd ons toch echt te gortig. We hadden nog nooit zo'n refodichtheid meegemaakt! (of het moet op de Wegwijsbeurs zijn geweest, want ook daar hebben we ons wel eens vertoond). Ik weet niet of het samenhangt met het voorgaande, maar er waren ook ontzxe9ttend veel kinderen. En die leken allemaal van dezelfde leeftijd te zijn. En kxe9xfarig in de kleren. Opeens weerklonk een luid gezang, en een stoet meisjes van een jaar of tien kwam voorbijgefietst. Voorop reed er eentje die blijkbaar leiderschapsgaven had. Vol overgave maakte ze gebaren met haar armen, die de volgelingen trouw nadeden. En dat zonder handen aan het stuur! Kontje naar achteren, armen omhoog, het leek wel of de show speciaal werd opgevoerd om ons te plezieren. Het circus is er niks bij. Ook kwamen er jongetjes voorbij, zich op indrukwekkende wijze voortbewegend op waveboards. Ik weet niet wie er meer indruk maakte!

Maar goed, het werd kwart over xe9xe9n, en wij gingen weer eens bij de fietsenzaak kijken. Op de oprit werden we welhaast overreden door een man die riep: "Pas op, want ik rij over je heen!" We wisten niet zeker of hij bij de zaak hoorde, maar hij deed geen wenken in die richting, dus liepen we maar verder. Daar kwam een oudere man in overall en met glimoogjes ons tegemoet. "We willen graag een fiets huren", riepen we hem toe. Het baasje liep naar een rij fietsen, haalde er zwijgend twee uit en zette ze voor ons klaar. Het leek alsof we er zo op weg mochten fietsen. "Wilt u onze gegevens nog ofzo?", vroeg ik nog schaapachtig. "Was ie van plan om trug te koomen?", vroeg hij in dialect. We waren niet van plan om dat niet te doen, en blijkbaar zagen we er ook wel uit alsof we de waarheid spraken: we kregen de fietsen zo mee! Ik vroeg nog hoe laat hij ze uiterlijk weer terug wilde hebben, en dat was half elf, want dan ging hij naar bed.

Vervolgens hebben wij heel de middag zeldzaam heerlijk gefietst. Bij elke knooppuntenkaart herzagen wij onze route, en we hebben volgens mij wel vijftig kilometer gefietst. Wat was dat genieten! Het is daar werkelijk mooi met allemaal dorpen, bos, hei, akkers en huizen. En heel veel nieuwe, grote kerken, die allemaal van de ger.gem (al dan niet aangevuld met voor- en achtervoegsels) waren. Urk is er echt niks bij.

Toen kregen we honger en gingen we de fiets terugbrengen. Het be-overallde baasje was er nog. En wij waren er ook weer, dus we hebben hem niet teleurgesteld. Alieke pakte haar 'knip' om te betalen. Knip is Urkers voor portemonnee, maar meneer was het niet met de term eens. "Knip? Weet ie wel wat een knip is?" Niet begrijpend keken we hem aan. We begonnen al te denken dat het in zijn dialect misschien wel iets heel raars was. Maar triomfantelijk haalde hij een damesportemonnee uit zijn overall tevoorschijn met zo'n knip bovenop. We leverden een tientje in en kregen twee euro terug. Voor vier euro per persoon hadden we gefietst! Ik kan iedereen het adres aanbevelen. Tegenover de Coop in Uddel.

Wij vervolgden onze weg en lieten het wondere Uddel achter ons. Want we gingen naar de Garderense Berg, het restaurant waar de fam. Vierbergen een poosje terug had gegeten, en wat Alieke bijzonder had aangesproken toen ze hoorde dat je voor 20,95 onbeperkt kon eten, waaronder net zoveel haring als je maar wilt. Dus wij dat restaurant in. Nou weet ik nog van de vorige keer dat er een jongen bij de grill staat die goed gezichten kan onthouden. Als je daar komt zegt hij: "Wat mot je?" En dan moet je zeggen: Zalm, of tong, of mosselen, of biefstuk, of spareribs, of wat er maar van je gading bij zit, en dat grilt hij dan voor je. En als je later dan weer komt voor je volgende bestelling, nog steeds vallende binnen de 20,95 euro, dan zegt hij: "Ben je daar alweer?" En die persoon herkende mij nog. Hij wist me te vertellen dat ik er pas nog was geweest, en voegde daar de vraag aan toe: "Was er gelegenheid?" Nou weet ik niet of dat normaal Nederlands is, maar ik begreep eruit dat hij wilde weten voor welke gelegenheid we uit eten waren. Ik voelde me echter niet genoopt om hem te vertellen dat het ter gelegenheid van de fietstocht was, dus antwoordde ik dat het voor geen gelegenheid was. "Dat kan ook", antwoordde hij, en begon te zingen: "Welkom, welkom bij de drie biggetjes." (Ik verstond echter 'Welkom, welkom, mijn drie biggetjes', wat raar was, aangezien Alieke en ik met z'n tweexebn waren en bovendien geen biggen zijn, maar Alieke, die in de wereld leeft, wist me te vertellen dat het een liedje van K3 was). In elk geval zaten we even later aan een heerlijk gegrilld tongetje. Alieke had al aardig vol gezeten van vier stukken haring, boontjes en gebakken aardappeltjes, "Maar," zo sprak ze, "Dat tongetje en die fristi hebben me wel goed gedaan; ik zit nu veel minder vol." Zo konden we dus nog een tijdje doorgaan voor onze 20,95 euro. Want we wilden het geld er wel uit halen natuurlijk! Helaas moet je via de grill naar het buffet lopen, en wij waren inmiddels bang geworden voor de biggenman. Hij keek ons na hoe we hem negerend buffetwaarts liepen, en toen we even later toch weer bij de grill kwamen riep hij uit: "Hxe8 hxe8, dxe1xe1r zijn de dames!" We hadden aardig de schrik te pakken en besloten aan het toetje te beginnen. Daar heeft Alieke nog penibele ogenblikken beleefd, want toen ze haar bordje met ijs en fruit onder de slagroomspuit hield, kwam daar wel een enorme sliert slagroom uit, maar die bleef hangen aan de tuit. Wat nu? Haal je het bordje weg, dan zul je zien dat het net naar beneden komt zeilen en op de grond valt. Maar blijf je staan, dan gebeurt er natuurlijk niets. Een beetje schudden bracht uitkomst, en de hulpeloos bungelende sliert slagroom belandde toch nog op de bestemde plaats. Ik genoot van kleine negerzoentjes, en daarna van een wilhelminapepermunt, en daarna van een after-dinner-walk, en toen zijn we weer naar huis gegaan. Het was weer een dag waarop we ons veel hebben moeten verwonderen.

Driemaal in de rondte van je hopsasa

Een wonderlijk gezelschap was het waarmee ik de afgelopen dagen heb doorgebracht. Een eekhoorn, een konijn, drie eenden en twee kippen. En niet te vergeten: een schoonmoeder en drie schoonzussen. We hadden een huisje gehuurd in America. Dat klinkt alsof er een hele wereldreis aan te pas kwam, maar we hebben het hier over het dorpje America dat in de Limburgse Peel ligt. Ja, ik heb vele zachte g's aan moeten horen!
Ik verwonder mij altijd over het verschijnsel vakantie. Persoonlijk vind ik het thuiskomen altijd nog het mooiste. Al je gerief moet in een koffer, en je komt in een huisje, in een kamer, op een bed, waarvan je niet weet wat zich daar allemaal heeft afgespeeld. Het rook er gewoon vreemd, maar die mening werd niet door alle aanwezigen gedeeld.
Afgezien van deze dingen hebben we een paar gezellige dagen gehad! Onze leeftijden varieerden van 78 (schoonmoeder) tot 26 (ik), en dat betekent: een low-tempo-vakantie :-) Ik heb vast een voorsmaak gekregen van mijn toekomst, als ik die ooit beleven mag: een rondvaart over de Maas, midgetgolfen, een bezoek aan de kasteeltuinen in Arcen (die waren overigens prxe1chtig!) en bowlen, waarbij menigeen door de zware bowlingballen uit evenwicht sloeg. Haha (sorry A., ik lach). We besloten ons midweekje met een pannenkoek en een getrakteerd schepijsje, en toen ben ik weer naar Jan-Carel gegaan. Wat kun je toch veel van je man houden!
P.S. Volgens iemand lijkt het in deze log net of het geen leuke vakantie was, maar ik kan het denk ik niet zo goed vertellen, want het was wel leuk.